Inrit aanleggen

Als u een inrit wilt maken bij uw bedrijf of huis, heeft u een omgevingsvergunning nodig. Bijvoorbeeld als u een inrit wilt maken van de weg naar uw garage.

Het is verboden zonder omgevingsvergunning:

  • een inrit te maken vanaf de weg
  • de weg te veranderen, bijvoorbeeld de stoep verlagen
  • een bestaande inrit te veranderen

Als de uitweg over een sloot of watergang moet worden aangelegd, heeft u ook toestemming nodig van het waterschap Drents Overijsselse Delta.

U kunt bij het Omgevingsloket online uitzoeken of u in aanmerking komt voor een vergunning en welke voorwaarden daarbij horen. Ook kunt u te weten komen welke stappen u moet nemen om de vergunning aan te vragen.

Een vergunning kan worden geweigerd vanwege de: 

  • bruikbaarheid van de weg
  • veiligheid en doelmatig gebruik van de weg
  • bescherming van het uiterlijk van de omgeving
  • bescherming van de groenvoorziening in de gemeente.

U mag de in- of uitrit niet zelf aanleggen. Zodra de vergunning is verleend, neemt de gemeente contact met u op over de aanleg. De kosten van de aanleg/verplaatsing zijn voor u.

De gemeente beslist binnen 8 weken na ontvangst van uw aanvraag. Deze termijn mag de gemeente eenmaal verlengen.

U kunt bezwaar maken tegen de beslissing op uw aanvraag. Doe dit binnen 6 weken. Bent u het daarna niet eens met de uitspraak op het bezwaarschrift? Teken dan beroep aan bij de rechtbank.

Het aanvragen van een omgevingsvergunning voor een inrit kost € 65,35.

Als u een omgevingsvergunning aanvraagt, dan betaalt u meestal niet alleen de kosten voor de omgevingsvergunning. Vaak brengt de gemeente ook plankosten in rekening. Dit zijn kosten voor voorbereiding van en toezicht op de aanleg van voorzieningen. Bijvoorbeeld groenvoorzieningen, nieuwe wegen of het dempen van sloten. Er geldt een landelijk maximum voor plankosten. Ook is er een rekenmodel waarmee de gemeente de plankosten bepaalt.

U vraagt de omgevingsvergunning aan bij het Omgevingsloket online.